Vayelech – בילך – Hierna ging

In deze parasha wordt gesproken over het Loofhuttenfeest (Sukkot). Daarom zal ik als bijlage op de website kort iets vertellen over G’ds feesten. Nu eerst deze parasha.

Op de laatste dag van zijn leven verzamelt Mosjee (Mozes) heel het volk voor een laatste toewijding. Het verbond omvat niet alleen de aanwezigen maar ook alle nog niet geboren generaties inclusief vreemdelingen (Gojim) die de Here zullen gaan dienen. En hier worden u en ik mee bedoeld. Al in de Torah wordt over de gelovigen uit de heidenen gesproken.

Mosjee spoort de mensen aan om uitermate alert te zijn tegen afgoderij, want ondanks dat zij de afschuwelijke afgodendienst in Egypte gezien hebben, zal er altijd de verleiding zijn van de vreemde filosofieën als een excuus voor immoreel gedrag. Dit vet gedrukte komt uit een Joods commentaar op deze parasha. En misschien is dit wel de kern van ons denken. Want immers begint niet alles in onze gedachten? Al bij Nimrod kwamen er “vreemde” (niet van onze G’d) filosofieën/religies binnen. Dat heeft zich door allerlei volken en ook door Israël voortgezet met als climax wellicht het Grieks/roomse denken. En dit laatste heeft zich tot op de dag van vandaag diep genesteld in onze “rijke” westerse cultuur.

Mosjee beschrijft hoe het land Israël verlaten en uitgestorven zal worden wanneer het Joodse Volk zich niet aan de mitswot/Torah zal houden. Hun afstammelingen, zowel als vreemde volken zullen niet in staat zijn het land te bewerken en er iets doen groeien. De conclusie zal duidelijk zijn voor iedereen: het Joodse Volk heeft HaShem verlaten.

Op de laatste dag van zijn leven wil Mosjee van tent tot tent gaan om vaar­wel te zeggen aan zijn geliefd volk, terwijl hij hen aanmoedigt sterk en krachtig te blijven in het geloof. Echter zijn lichamelijk zwakheid staat het hem niet meer toe. Mosjee leert het volk de mistwa van hakheel: Iedere zeven jaar, op Soekot, moet het volk zich verzamelen bij de Tempel om te horen hoe de koning voorleest uit het Boek Devariem [Deuteronomium]. HaShem vertelt Mosjee en Jehosjoea om Haäzinoe (luister goed lied) op te schrijven, hetgeen als „getuige” zal dienen tegen de Joden wanneer zij zondigen maar ook als waarschuwing voor de volken.

Volgende week meer over Haäzinoe.